Binnenlawaai

Gezondheid en veiligheid

Op 15 februari 2006 is het KB van 16 januari 2006 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers tegen de risico’s van lawaai op het werk verschenen in het Belgisch Staatsblad.

 

Dit KB is de omzetting in Belgisch recht van de richtlijn 2003/10/EG van 6 februari 2003 betreffende de minimumvoorschriften inzake gezondheid en veiligheid met betrekking tot de blootstelling van werknemers aan de risico’s van fysische agentia (lawaai). De bepalingen van dit besluit vormen hoofdstuk III "Geluidsomgeving" van titel IV "Omgevingsfactoren en fysische agentia" van de Codex over het welzijn op het werk.

 

In dit KB worden zowel grenswaarden vastgesteld voor gemiddelde dagelijkse of wekelijkse blootstelling (LEx) als voor piekblootstelling (Ppiek). Er zijn drie waardeniveaus vastgelegd :

 

(1) de eigenlijke grenswaarde wordt bepaald op (Ppiek) = 140 dB(C) en LEx = 87 dB(A). Dit is de absoluut maximale blootstelling, waarbij rekening gehouden wordt met gehoorbescherming;

 

(2) er is een bovenste actiewaarde van resp. 137 dB(C) piekwaarde en 85 dB(A) LEx;

 

(3) er is een onderste actiewaarde van resp. 135 dB(C) piekwaarde en 80 dB(A)

 

Actiewaarden zijn reëel gemeten waarden in de werkruimte zonder rekening te houden met het dragen van gehoorbescherming. De onderste actiewaarde vormt de grens tussen veilige blootstelling en blootstelling die actie vereist. Deze actiewaarden liggen een stuk lager dan vroeger. Tot de verschijning van dit KB bedroeg de veilige blootstelling 85 dB (A), en de veilige piek 140 dB (C), en was er een tweede actieniveau van 90 dB (A) vastgelegd. De nieuwe waarden komen overeen met wat wetenschappelijk al jaren als veilig aanzien wordt en in een aantal landen al lang in de wetgeving is opgenomen. Voor de technische aspecten van de meting verwijst het KB naar de norm NBN ISO 1999:1992.

 

In art. 15 tot 20 van dit KB wordt het hele gamma van mogelijke preventiemaatregelen opgesomd dat al in vroegere wetgeving was opgenomen: alternatieve methodes of werkmiddelen, werkplekaanpassingen, collectieve bescherming, informatie, beperking van de blootstellingsduur door de werkorganisatie. Deze maatregelen hebben een dwingend karakter wanneer de bovenste actiewaarde van 85 dB (A) overschreden wordt (art 16). Bovendien moeten dergelijke zones worden afgebakend en moet de toegang ertoe zoveel mogelijk beperkt worden (art 17). De grenswaarde van 87 dB (A) mag in geen geval worden overschreden.